Een taalfout: is dat nou erg?

“Scripties en tentamens vol taalfouten”, kopte dagblad NRC een tijdje geleden. In het artikel luidden docenten van Nederlandse universiteiten en hogescholen de noodklok vanwege het taalniveau van hun studenten: slechte zinnen, vreemde spelling en verhaspelde uitdrukkingen zijn aan de orde van de dag. En niet alleen bij studenten…

Iedereen maakt ze

Michel Pijpers, docent Nederlands, toonde dit voorjaar in zijn blog nog maar eens aan dat niet alleen teksten van leerlingen en studenten mankementen vertonen. Na de opmerking van staatssecretaris van Onderwijs Sander Dekker, dat leerlingen foutloos Nederlands zouden moeten kunnen schrijven, wees Pijpers de onderminister fijntjes op de taalfouten in een van zijn eigen brieven aan de Tweede Kamer. Ook journalisten, van wie beslist een zeker taalniveau mag worden verwacht, begaan regelmatig een uitglijder. En dan hebben we het nog niet gehad over het taalgebruik in berichten op Facebook, WhatsApp en andere online kanalen.

Wie vindt dat nou erg?

Natuurlijk kun je je afvragen hoe erg het is dat we niet meer in staat zijn foutloos te schrijven; er zijn immers wel ergere problemen in de wereld. Als je boodschap begrepen wordt door de ontvanger is het eigenlijk wel goed genoeg, toch? Je partner (ja, zelfs je moeder) begrijpt echt wel wat je bedoelt als je appt dat je ltr thuis bent omdat er een ongeluk is gebeurt en je in een klt file staat. En niemand is dol op taalverbeteraars. Sterker nog: wie zich opwindt over taalfouten is volgens dagblad Metro een onprettig mens. Metro baseert die uitspraak op een onderzoek van de Universiteit van Michigan naar de invloed van de persoonlijkheid van een lezer op zijn oordeel over een schrijver die fouten maakt in zijn tekst.

Belangrijke mensen vinden dat erg!

In hun onderzoek komen Judie Boland en Robin Queen inderdaad tot de conclusie dat ‘less agreeable persons’ zich meer ergeren aan taalfouten dan mensen die meer inschikkelijk zijn. Ze concluderen echter ook dat in het algemeen geldt dat een tekst met taalfouten leidt tot een negatiever oordeel over de schrijver dan een foutloze tekst.

En mocht je het belang daarvan niet inzien; denk dan eens aan de werkgever die jouw droombaan aanbiedt, de docent die je tentamen beoordeelt, de eigenaar van dat mooie appartement dat je graag zou willen huren, of de potentiële klanten die jouw nieuwsbrief of website lezen. De aan- of afwezigheid van taalfouten in je tekst heeft direct invloed op het oordeel dat al deze belangrijke mensen over jou als persoon vellen.

Dus doe jezelf een LOL: zorg ervoor dat je geen fouten maakt in de teksten die belangrijk zijn, of laat je teksten controleren. Dan kun je later naar huis appen dat je die baan, dat tentamen, het appartement, of die mooie nieuwe klant in de pocket hebt.

FacebookTwitterPinterestDelen

Hoe schrijf ik een persbericht?

Promotie van je product, dienst of evenement vraagt zo nu en dan om een persbericht. Elke ondernemer, organisatie of vereniging heeft hier wel eens mee te maken. Hoe schrijf je een effectief persbericht? Welke onderdelen mogen niet ontbreken? Wie benader je met je bericht en op welke manier? Lees dit blog voor handige tips!

Opbouw en essentiële onderdelen

Je persbericht wordt in eerste instantie gelezen door een journalist of redacteur en hij of zij heeft het druk, druk, druk. Hoe lang je ook op je bericht hebt gezwoegd; de ontvanger heeft waarschijnlijk geen tijd om het helemaal te lezen. Begin je persbericht daarom met een koptekst: een inleiding die gericht is op de journalist of redacteur. Geef in deze koptekst de essentie weer van het verhaal dat je te vertellen hebt en spoor de journalist aan om het artikel te plaatsen.

Inleiding

Na de koptekst volgt het persbericht zelf. Omdat je van tevoren niet weet of het persbericht in zijn geheel of slechts gedeeltelijk overgenomen wordt, maak je je artikel oprolbaar: je begint met een samenvatting en weidt daarna uit. De inleiding van je persbericht bevat altijd de volgende onderdelen: wat (heb je te bieden, wat gaat er gebeuren?), wie (organiseert het evenement, wie levert de dienst?), waarom (organiseer je iets, welk doel heb je? Met andere woorden: waarom is je bericht interessant en voor wie?), waar en wanneer (vindt het evenement of de gebeurtenis plaats?). Besteed niet meer dan één zin aan elke vraag en formuleer daarmee je inleiding. De meest essentiële zin kun je vervolgens gebruiken als onderwerp van je e-mail, uiteraard voorzien van het woord ‘PERSBERICHT’.

Basistekst

Na de inleiding volgt de basistekst van je persbericht. Persbericht schrijvenZorg ervoor dat de tekst die nu volgt helder, prettig geschreven en taalkundig correct is, zodat hij letterlijk overgenomen kan worden. Hou je tekst kort en bondig en maak gebruik van tussentitels. In de basistekst geef je in verschillende alinea’s antwoord op de vragen die je ook in de inleiding hebt behandeld. Je geeft gedetailleerde informatie en gebruikt citaten: van de organisator van het evenement, een deelnemer aan de vorige editie van je seminar, een bestuurslid van je belangenvereniging, etc.

Je basistekst is ook de plek waar je een profielschets van jou, je bedrijf, of je vereniging invoegt: een zogenaamde boiler plate. In deze tekst, waarvan bedrijven of organisaties vaak een standaardversie hebben die steeds opnieuw wordt gebruikt, vindt de lezer een overzicht van het doel van en de mensen achter je organisatie en de diensten of producten die geleverd kunnen worden.

Noot aan de redactie

Na de basistekst is je persbericht afgerond. Maak dit visueel duidelijk door middel van een horizontale streep onder je basistekst. Voeg onderaan je bericht nog een noot voor de redactie toe met daarin de gegevens van de contactpersoon en de organisatie en eventueel een link naar beeldmateriaal.

Verspreiding

Je persbericht is gereed. Lijst geadresseerden makenAls je vaker persberichten hebt verstuurd, heb je waarschijnlijk een lijst met contactpersonen bij nationale, regionale en lokale bladen, websites, tv- en radiozenders.  Stuur het bericht aan jullie algemene e-mailadres en stuur alle geadresseerden een blinde kopie (BCC).

Heb je nog geen lijst met contactpersonen? Stuur je bericht dan naar de algemene redactieadressen van de media die je wil bereiken. Op internet worden door diverse websites lijsten bijgehouden van deze adressen (bijvoorbeeld op Wikipedia), dus je hoeft geen uren te zoeken.

Doelgroep

Je schrijft elke tekst voor een bepaalde doelgroep. Ook bij het versturen van je persbericht hou je hier rekening mee. Het heeft immers weinig zin om je persbericht over een braderie in Groningen te sturen naar de redactie van Dablad de Limburger of het Leidsch Dagblad, of om je bericht over het uitbrengen van een nieuw kinderboek te sturen naar het Financieele Dagblad.

Nazorg

Je persbericht is geschreven en verstuurd. Zorg er nu voor dat de contactpersoon, die bij het persbericht is vermeld, goed bereikbaar is en een lijstje met informatie bij zich heeft, waardoor hij/zij op elk moment de pers op een overtuigende manier te woord kan staan. Hou de media in de gaten om te zien of je bericht is geplaatst. Als er weinig of geen publicaties volgen, neem je telefonisch contact op om te informeren naar de stand van zaken.

Afhankelijk van het doel van je persbericht kun je hierna nog allerlei vervolgstappen zetten om meer publiciteit te genereren, zoals het sturen van een vervolgpersbericht met nieuwe informatie (bijvoorbeeld nieuwe namen die zijn toegevoegd aan de lijst van artiesten voor een festival), of het organiseren van een publiciteitsstunt, zoals een wedstrijd, winactie, etc.

——-

Heb je ondanks deze tips nog vragen over het schrijven of versturen van een persbericht, of heb je nieuws te melden maar heb je geen tijd om het persbericht en/of de nazorg zelf te verzorgen? Neem dan contact op!

Boutade schrijft voor Special Olympics

Op 1, 2 en 3 juli 2016 vonden de Nationale Spelen plaats voor sporters met een verstandelijke handicap. De organisatie van de SONS 2016 vroeg schrijvers, fotografen, uitgevers en ontwerpers om samen een magazine te maken in het kader van dit sportevenement. Namens Boutade interviewde ik vijf ambassadeurs van de SONS 2016: politicus Thom de Graaf, generaal buiten dienst Peter van Uhm, presentator Jochem van Gelder, marsleider van de Vierdaagse Johan Willemstein en directievoorzitter van de Rabobank Rijk van Nijmegen Antoine Driessen.

Goede doelen

logo SONS 2016

Wat beweegt deze drukbezette, publieke figuren om tijd te steken in goede doelen? Waarom hebben ze zich juist aan dit goede doel verbonden en wat houdt hun werk als ambassadeur in? Met deze vragen in het achterhoofd bezocht ik de ambassadeurs en sprak met hen over hun doelen en drijfveren en hun taak als ambassadeur.

“Het is mooi als je dit soort dingen voor de samenleving kunt doen”, aldus voormalig commandant der Strijdkrachten Peter van Uhm over zijn inzet voor de Special Olympics. De ambassadeurs zijn eensgezind over het belang van het evenement: er moet meer aandacht gevestigd worden op het belang van een gezonde leefstijl voor verstandelijk gehandicapten en sport is daarbij een belangrijk onderdeel. Door aan te sluiten bij het project Uniek sporten wil de organisatie achter de Special Olympics meer sportmogelijkheden creëren voor mensen met een verstandelijke beperking.

De ambassadeurs wilden de G-sporters niet alleen een mooi feest bezorgen: ze willen de aandacht van het grote publiek vestigen op de bijzondere manier waarop G-sporters hun sport beoefenen: “De sporters die meedoen met de SONS zijn een mooi voorbeeld van hoe de sportbeleving bij iedereen zou moeten zijn”, verklaarde presentator : Jochem van Gelder: “Hoe collegiaal ze zijn, hoe intens een doelpunt gevierd en hoe intens er wordt meegeleefd als iemand geblesseerd is. Het is de ultieme beleving van sport”. Peter van Uhm verwoordde het als volgt: “Van de oprechte vreugde die deze sporters hebben, krijg je als toeschouwer al energie. Daar kunnen al die duurbetaalde voetballers die na een doelpunt naar de camera toe rennen zodat de hele wereld kan zien dat ze een doelpunt hebben gemaakt, niet tegenop.”

Netwerk

Wie een groot evenement organiseert en daar veel media-aandacht op wil vestigen, heeft bekende gezichten en goede ingangen nodig. De ambassadeurs hebben vooral op die punten een belangrijke taak vervuld. Zo legde marsleider Johan Willemstein contact met het defensiebedrijf, dat ieder jaar een kampement opbouwt in Heumensoord voor de militairen die deelnemen aan de Vierdaagse: het kamp werd eerder in gereedheid gebracht en diende op 1, 2 en 3 juli als Olypmisch dorp voor de G-sporters. Thom de Graaf, onder meer voorzitter van de Raad van Commissarissen van de moedermaatschappij van Connexxion, legde het contact dat leidde tot het busvervoer van alle sporters.

De ambassadeurs staken ook tijdens het evenement de handen uit de mouwen: Jochem van Gelder presenteerde de grootse openingsceremonie van de SONS in het Goffertstadion. Voormalig commandant der strijdkrachten Peter van Uhm fungeerde als marsleider van de wandeldriedaagse. Rabobankdirecteur Antoine Driessen zette zich, samen met 150 medewerkers van Rabobank Rijk van Nijmegen, in als vrijwilliger.

De complete interviews verschijnen binnenkort in het magazine over de Special Olympics Nationale Spelen 2016 en zijn te lezen op deze website.

Hoe schrijf ik een webtekst?

Webteksten schrijven: kan ik dat zelf? Het antwoord is waarschijnlijk ‘ja’. Je kunt lezen en schrijven, dus met een beetje hulp kun je ook een webtekst schrijven. In dit blog geef ik je een paar handige tips mee.

Lezer

Een online nieuwsbrief, een blog of een reclametekst: de eerste vraag die je jezelf stelt is wie jouw tekst gaat lezen. Je hebt immers een ander type tekst nodig wanneer je schrijft voor potentiële klanten van de webshop van een tuincentrum, dan wanneer je schrijft voor bezoekers van de website van een natuurorganisatie. In beide gevallen kan je tekst gaan over een conifeer, zoals de Jeneverbes; maar de inhoud en stijl van je verhaal zal sterk verschillen. Leef je dus in: waarom komt een bezoeker naar jouw website? Wat wil hij weten en hoeveel tijd wil hij daaraan spenderen? En: wat moet je jouw lezer vertellen om hem te laten doen wat jij wil?

Zoektermen

SEO webtekstSEO, content, zoekmachines, semantic keywords… Wie zich verdiept in het schrijven van een webtekst raakt al gauw het spoor bijster door moeilijke, technische termen. Laat je niet ontmoedigen! In het kort komt het op het volgende neer: goede webteksten zijn vindbaar in Google en helpen je website om hoog te eindigen in de lijst van zoekresultaten. Om dit te bereiken moet je website goed gevuld zijn en vaak aangevuld worden met unieke, relevante inhoud (content).

SEO (search engine optimalization) is overigens niet alleen bedoeld voor de zoekmachines: het helpt de bezoekers van je pagina ook om snel de informatie te vinden die ze willen vinden op jouw website.

Tekstopbouw

De kans dat jouw webtekst hoog eindigt in zoekmachines kun je vergroten door je teksten op een bepaalde manier op te bouwen. Zorg ervoor dat je teksten altijd aan een aantal basisprincipes voldoen: voorzie ze van duidelijke titels en tussenkoppen, waarin de zoektermen voorkomen die iemand uit jouw doelgroep in een zoekmachine invoert. Zorg ervoor dat de teksten niet te kort zijn en bovenal: let erop dat je teksten relevante inhoud bevatten.

Verder helpt het om in je teksten links in te bouwen naar andere artikelen op je website en om de belangrijkste zoektermen te laten terugkomen in de URL van de locatie van je tekst en in de naam en titel van afbeeldingen die je gebruikt.

Foutloos Nederlands

Spelfouten, typfouten, taalfouten en stijlfouten… Ze wekken ergernis bij je lezer en zorgen voor twijfel over jouw autoriteit en deskundigheid. Bij webteksten is dit zeker niet minder het geval dan bij teksten die gebruikt worden in andere media. Voorkom fouten in je tekst: leg deze weg nadat je hem geschreven hebt en bekijk hem daarna opnieuw, het liefst in een andere omgeving. Als je van jezelf weet dat taal niet je sterkste punt is; laat je tekst dan ook door iemand anders nalezen. Zeker wanneer het lange teksten of complete websites betreft, waarop je lang hebt gezwoegd, is het aan te raden hiervoor een professionele redacteur in te schakelen.

Schrijf!

Jouw webtekst moet mensen informeren, overtuigen en misschien wel aanzetten tot actie. Om dit te bereiken moet je tekst niet alleen kwalitatief goed zijn: hij moet ook gevonden worden door de gebruikers van het internet. Hou de tips uit dit blog in je achterhoofd en begin aan je tekst. Kwaliteit is een voorwaarde voor succes, maar voor webteksten is ook kwantiteit belangrijk: hoe meer relevante content je website bevat, des te vindbaarder wordt je website. Begin dus vandaag nog met schrijven en heb je specifieke vragen? Ik hoor ze graag!